Harttransplantatie

Inleiding
Een harttransplantatie is een chirurgische ingreep waarbij een ziek hart wordt vervangen door een gezond donorhart.

Indicatie
Een hartchirurg neemt samen met een team van transplantatiespecialisten de beslissing om al dan niet over te gaan tot harttransplantatie. Bij de meeste mensen die voor harttransplantatie in aanmerking komen, is het hart zo ernstig aangetast dat het niet meer in staat is voldoende bloed door het lichaam rond te pompen en zijn alle andere behandelmethoden niet of onvoldoende effectief gebleken. Dan is er sprake van 'end stage heart failure' (terminaal hartfalen). Daarnaast wordt transplantatie gerechtvaardigd door bijvoorbeeld ernstige hartklepgebreken en andere hartkwalen waarbij de levensverwachting zonder transplantatie niet langer is dan zes tot twaalf maanden. In principe komen patiënten onder de 65 van wie de andere organen (zoals longen en lever) goed functioneren, in aanmerking voor een harttransplantatie.

Donorhart
Een donorhart is afkomstig van een overleden (hersendode) orgaandonor. Een orgaandonor is iemand die zijn of haar organen na overlijden ter beschikking stelt aan patiënten die deze nodig hebben. De donor wordt nauwkeurig onderzocht om er zeker van te zijn dat het hart in goede conditie is en dat de ontvanger geen schade zal ondervinden van de transplantatie. De donor mag niet ouder zijn dan 65 jaar. Verder mag hij of zij niet lijden aan een ziekte die kan worden overgedragen op de ontvanger, geen harddrugs hebben gebruikt en de laatste vijf jaar geen gevaarlijke vorm van kanker hebben gehad. Het donorhart zelf mag evenmin ziek zijn; het elektrocardiogram mag geen afwijkingen vertonen.

Het hart wordt operatief bij een geschikte donor uitgenomen en met een speciale oplossing behandeld. Vervolgens wordt het donorhart in ijs bewaard (0 tot 4 graden Celsius) en moet liefst binnen drie uur (maar in ieder geval binnen acht uur) worden geïmplanteerd.

Wachttijd
Het is zelfs niet bij benadering te zeggen hoe lang een hartpatiënt moet wachten op een donorhart. Factoren die invloed hebben op de wachttijd zijn de gezondheidstoestand van de patiënt, de beschikbaarheid van een donorhart en in hoeverre de weefseltypen van donor en ontvanger overeenkomen. De vraag naar donorharten is meestal groter dan het aanbod.

Methode
De meest gebruikte techniek voor harttransplantatie staat bekend als orthotope harttransplantatie. Hierbij wordt het zieke hart in zijn geheel verwijderd en vervangen door het gezonde donorhart. Een enkele keer wordt zogeheten heterotope harttransplantatie toegepast, waarbij het donorhart naast het zieke hart wordt geplaatst om dit te ondersteunen. Als zowel de long(en) als het hart van een patiënt zijn aangedaan, kunnen die organen soms uit één en dezelfde donor worden getransplanteerd.

Herstelperiode
Hoe lang een patiënt na een harttransplantatie in het ziekenhuis moet blijven, varieert  sterk per patiënt. De meeste ziekenhuizen hanteren een minimum van zes tot zeven dagen. Als richtlijn geldt dat de patiënt in staat moet zijn zonder hulp twintig traptreden op te lopen voordat deze het ziekenhuis mag verlaten. Na ontslag uit het ziekenhuis moet de patiënt de voorgeschreven oefeningen blijven doen. Doorgaans kan een patiënt zes tot zestien weken na de operatie weer aan het werk.

Afstotingsreacties
Afstoting van lichaamsvreemde stoffen is een normale, gezonde reactie van het lichaam, maar die orgaantransplantatie bemoeilijkt. Afstoting vindt plaats doordat het lichaam een afweerreactie in gang zet tegen het lichaamsvreemde orgaan.

Er bestaan acute en late afstotingsreacties. Acuut wil zeggen dat er vrijwel direct na de operatie een afstotingsreactie op gang komt. Late reacties treden soms pas maanden of jaren later op. Door regelmatig stukjes hartweefsel te onderzoeken (endomyocardbiopsie) is men in staat al in een vroeg stadium tekenen van afstoting op te sporen.

Afstoting kan gedeeltelijk worden voorkomen door de weefseltypen van de ontvanger en de donor zorgvuldig te matchen (ervoor te zorgen dat ze zoveel mogelijk met elkaar overeenkomen). Het bloedonderzoek waarmee dat gebeurt, heet cross matching. Immunosuppressiva (zoals ciclosporine, azathioprine en corticosteroïden), onderdrukken het vermogen van het lichaam om lichaamsvreemde stoffen aan te vallen en te vernietigen. Zo wordt acute afstoting voorkomen. Doordat de verdedigingsmechanismen van het lichaam worden onderdrukt, wordt iemand echter vatbaarder voor infecties (door bacteriën, virussen, schimmels). Een behandeling met immunosuppressiva is erop gericht afstoting van het transplantaat te voorkomen, zonder de patiënt aan een al te groot infectierisico bloot te stellen.

Late(re) complicaties
Maanden tot jaren na de transplantatie kunnen zich complicaties , zoals een vermindering van de nier- en leverfuncties, diabetes maar ook huidkanker voordoen. Tot de voornaamste hiervan behoort echter een snel verergerende aandoening van de kransslagaders. Mensen bij wie al eerder sprake was van een acute afstotingsreactie of van wie het weefseltype niet helemaal optimaal met dat van de donor overeenkomt, kunnen een verhoogd risico op late reactie lopen. Helaas werken immunosuppresiva nauwelijks preventief hiertegen.

Prognose
Doordat men afstotingsreacties steeds beter weet te voorkomen, worden harttransplantaties steeds veiliger. Uit onderzoek is gebleken dat meer dan zeventig procent van de patiënten meer dan vijf jaar na de operatie nog in leven is. Dit cijfer is wel in hoge mate afhankelijk van de gezondheidstoestand van de patiënt vóór de operatie. Niet alle hartpatiënten kunnen na een transplantatie weer een normaal leven leiden, maar uit uiteenlopende onderzoeken blijkt dat de kwaliteit van het leven door de operatie in de meeste gevallen wel toeneemt.

Nieuwe ontwikkelingen
Het grootste deel van het onderzoek op het gebied van harttransplantaties richt zich op het verbeteren van de middelen tegen afstotingsreacties. Deze hebben tot doel de afstotingsreactie terug te dringen en daarbij het risico op infecties zo beperkt mogelijk te houden.

Vanwege het tekort aan donorharten worden er proeven gedaan met xenotransplantatie (transplantatie van dier op mens), voornamelijk van varkensharten. Dit onderzoek bevindt zich echter nog in een experimenteel stadium evenals de ontwikkeling van een volledig kunst(matig)hart.

Verschillende organisaties zijn betrokken bij harttransplantaties. Zo zorgt de Eurotransplant International Foundation voor de beste donor-ontvanger combinatie en voor de beste technische uitvoering van harttransplantaties.